Hoe teder kan de streling van de liefde wezen
als warme zuidenwind en daardoor aangeraakt.
Waaronder het geluk tot grote hoogte opgerezen
wat God aan ons laat proeven als ’t ontwaakt.
Het grootst genot kan ons de liefde geven
dat uit haar bronnen rijkelijk wordt geput.
Want dat blijkt steeds opnieuw haar grootste streven
zij wil dat het gelukkig maken haar steeds lukt.

Zij zoekt naar woorden en zij zoekt naar daden
een doel waaraan zij zo graag vormen geeft.
Zij heeft de taak om nimmermeer te schaden
maar slechts haar inhoud rijkelijk wordt beleefd.
Zo wandelt zij steeds zoekende naar wegen
waarop haar gaven worden uitgespreid.
Op dat haar tedere streling zijn mag tot een zegen
die ’t hart van de ontvanger vreugdevol verblijdt.